Begeleider beschuldigde/ aangeklaagde ongewenste omgangsvormen

Je zult maar beschuldigd worden!

Verplichting werkgever vanuit Arbowet

Als werkgever bent u vanuit de Arbowet verplicht zorg te dragen voor een veilige werkplek en het voorkomen en beperken van Psychosociale Arbeidsbelasting (PSA). U dient als werkgever zorg te dragen voor opvang voor een medewerk(st)er die last heeft van ongewenste omgangsvormen zoals (seksuele)intimidatie, pesten, discriminatie of agressie en geweld. In Nederland is het common sense deze verplichting in te vullen met het aanstellen van een vertrouwenspersoon. Deze vertrouwenspersoon staat naast de lasthebber van ongewenste omgangsvormen (c.q. klager, het slachtoffer). Dat is inmiddels een vanzelfsprekende zaak. Ongewenste omgangsvormen kunnen immers verstrekkende gevolgen hebben. Maar ook de vermeende lastveroorzaker wordt geraakt. Je zult maar beschuldigd worden van seksuele intimidatie of andere ongewenste omgangsvormen. Hoe draagt u als werkgever zorg voor een veilige werkplek voor de beschuldigde? Ook voor deze medewerker heeft u een zorgplicht als goed werkgever.
Er wordt snel gesproken over 'de dader', feitelijk hebben we het echter over een 'vermeende lastveroorzaker'. Wij kiezen daarom voor de term 'beschuldigde'.

Lees hier twee uitspraken van een rechter n.a.v. de zorgplicht van de werkgever die voortvloeit uit de Arbowet. De tweede uitspraak gaat over de zorgplicht voor de aangeklaagde na terugkeer. Boeiend!

Een zorgvuldige behandeling is in ieders belang

Alle betrokkenen bij een kwestie rond ongewenste omgangsvormen hebben baat bij een zorgvuldige behandeling, zodat betrokkenen zich straks weer veilig voelen op het werk. Het faciliteren van een begeleider aan de beschuldigde kan hieraan bijdragen. Vooral als deze begeleider iemand is die kennis van zaken heeft op het terrein van ongewenste omgangsvormen. Een beschuldigde heeft ook rechten: recht op informatie, recht op hoor en wederhoor, recht op verweer en bovenal recht op ondersteuning.
Wie kan dat zijn? Niet de vertrouwenspersoon, die staat immers naast de melder/ de klager. Over de rol van de vertrouwenspersoon mag geen misverstand ontstaan. Wanneer het beeld ontstaat dat de vertrouwenspersoon er ook is voor de 'dader', dan heeft dat een nadelig effect op de laagdrempeligheid en toegankelijkheid van de vertrouwenspersoon voor potentiele melders. Ook de collega vertrouwenspersoon kan de beschuldigde niet ondersteunen, want voor je het weet staan deze 2 vertrouwenspersonen tegenover elkaar en creëert het onveiligheid rond de functie van vertrouwenspersoon.
Wie dan wel? Een jurist, advocaat of vakbondsman leidt snel tot onnodige escalatie, omdat dan de neiging bestaat de zaak juridisch te maken. Daarnaast behoort een bedrijfsmaatschappelijk werker tot de mogelijkheden, maar hij heeft niet altijd de benodigde specifieke kennis over ongewenste omgangsvormen en is niet altijd voorhanden. Wie dan wel? Wij denken aan het inzetten van een 'externe begeleider beschuldigde', die alle kennis heeft van ongewenste omgangsvormen.

De begeleiding

Een klacht of beschuldiging heeft veel impact op het functioneren, de positie en de loopbaan van de beschuldigde/aangeklaagde. Het emotioneel en inhoudelijk begeleiden is dan ook de hoofdtaak van de begeleider. De gesprekken worden gestart met de eerste opvang. Hier is alle ruimte voor het verhaal en de emoties. Mocht het gaan om het begeleiden van een medewerk(st)er die onterecht beschuldigd/aangeklaagd is, dan helpt de begeleider bij het verwerken van de emoties, ondersteunt bij de klachtenprocedure en adviseert bij de rehabilitatie.
Mocht het gaan om het begeleiden van een medewerk(st)er die zich bedoeld of onbedoeld schuldig heeft gemaakt aan ongewenste omgangsvormen, dan kan de begeleider hem helpen bij het inzicht verkrijgen in het eigen gedrag. Bij ongewenste omgangsvormen gaat het er immers om hoe de ander het gedrag heeft ervaren. Het gaat om een subjectieve beleving. De medewerk(st)er wordt geholpen bij het inzien dat zelfs al heeft hij het goed bedoeld, het toch anders opgevat kan worden. De lastveroorzaker zal in de gesprekken met de begeleider geholpen worden het belang te zien van het nemen van een eigen verantwoordelijkheid voor het als ongewenst ervaren gedrag. Hij zal zicht krijgen op de mogelijkheden om zich te verhouden tot de gekozen route van de 'lasthebber'. (Deze gesprekken zouden onder meer kunnen leiden tot een bemiddelingsgesprek, waarmee een officiële klacht kan worden voorkomen). De inzet van een 'begeleider beschuldigde' vergroot aanzienlijk de kans dat beide medewerkers in de toekomst hun samenwerking kunnen voortzetten op een veilige werkplek binnen de organisatie. De verplichting om zorg dragen voor een veilige werkplek impliceert ook het faciliteren van een begeleider aan de beschuldigde. Dit levert zorgvuldigheid, veiligheid en vergrote kans op de-escalatie. Het getuigt bovenal van goed werkgeverschap.

Van de begeleider kunt u het volgende verwachten:

  1. Ondersteunt de beschuldigde van ongewenste omgangsvormen
  2. Is in staat de beschuldigde inzicht te geven in de Arbowet en de daaruit voortvloeiende verantwoordelijkheden
  3. Is in staat medewerker bewust te maken van de impact van zijn gedrag op de melder
  4. Heeft kennis en ervaring met het onderwerp ongewenste omgangsvormen.
  5. Heeft ervaring in het begeleiden van beschuldigden/aangeklaagden: sparren, adviseren, helpen een eigen passende keuze te maken, emotioneel opvangen en het hele proces begeleiden.
  6. Kan de beschuldigde zicht geven op de mogelijkheden van de escalatieladder
  7. Kan de beschuldigde vergezellen in de bemiddelingsfase
  8. De begeleider weet wat de impact is van een aanklacht op iemands persoonlijke integriteit.
  9. De begeleider verwijst indien nodig tijdig door naar jurist, vakbond, rechtsbijstand of professionele hulpverlening.
  10. Begeleidt de medewerk(st)er bij onterechte beschuldiging in het rehabilitatieproces.
  11. Adviseert het management bij rehabilitatie.